
Normen en richtlijnen
Het gemeenschappelijke doel van onze productmanagers en diensten is het
aanbieden van betrouwbare, duurzame en hoogwaardige producten die voldoen aan de voorschriften en/of normen van elke regio waar ze worden gebruikt.



Vereisten en testmethoden voor handschoenen die gebruikt worden voor handlassen en snijbranden van metalen en verwante technieken. Lashandschoenen worden in twee typen ingedeeld : B wanneer een grote vingergevoeligheid (bijvoorbeeld bij TIG-lassen) is vereist en A voor andere lastechnieken.
Deze norm legt de eisen vast voor de veiligheidshandschoenen gebruikt in omgevingen met risico op ioniserende straling of omgevingen met radioactieve stoffen.
Een handschoen die beschermt tegen radioactieve vervuiling moet vloeistofdicht zijn volgens de norm EN374-2.
Een handschoen die beschermt tegen ioniserende straling moet, naast het vloeistofdicht zijn volgens EN374-2, ook nog een bepaalde hoeveelheid zware metalen bevatten zoals lood.
Verbindingselement of element deel uitmakend van een systeem. Een verbindingselement kan een karabijnhaak zijn of een haak.
Classe A: Verankeringsconnector, met automatische sluiting, gebruikt als component en ontworpen om direct aan een specifiek
verankeringssysteem bevestigd te worden.
Classe B: Basisconnector met automatische sluiting, gebruikt als component.
Classe M: Basisconnector voor meervoudig gebruik, met schakelsluiting, gebruikt als component, kan belast worden afhankelijk
van de grote of de kleine as.
Classe Q: Connector met schakelsluiting, gebruikt voor permanente of lange termijn toepassingen, karabijnhaak met schroef. Als
dit deel eenmaal vast geschroefd is, wordt het een dragend deel van de connector.
Classe T: Connector met afgewerkt uiteinde, met automatische sluiting, ontworpen als element van een subsysteem voor het
zodanig bevestigen dat de druk in een vooraf bepaalde richting wordt uitgevoerd..
Element waaraan een valbeveiligingssysteem kan worden vastgemaakt. (Norm die op dit moment wordt aangepast).
TYPE A - GEEN PBM: Verankeringssysteem met één of meerdere vaste ankerpunten waar een structurele verankering voor nodig is.
Type B: Verankeringssysteem met één of meerdere vaste ankerpunten waar geen structurele verankering voor nodig is.
Type C - GEEN PBM: Verankeringssysteem dat een flexibele ankerlijn gebruikt met een maximale afwijking van 15°.
Type D - GEEN PBM: Verankeringssysteem dat een starre ankerlijn gebruikt met een maximale afwijking van 15°.
Type E: Verankeringssysteem voor oppervlakken met een helling tot maximaal 5°.
Systeem samengesteld uit een mobiele en automatische valstop vast op zijn support (rail of kabel). Een schokabsorber kan in het geheel zijn ingewerkt.
Systeem bestaande uit een verplaatsbaar valstopapparaat met zelfremmende werking vast aan zijn flexibele levenslijn (touw, kabel…). Een energieverdelingselement kan worden ingewerkt in het geheel.
Norm EN ISO374-1 gaat over de eisen voor veiligheidshandschoenen die dienen om de gebruiker te beschermen tegen gevaarlijke chemische producten.
• Doordringbaarheid (getest volgens de norm EN374-2): Verspreiding, op niet-moleculair niveau, van een chemische stof en/ of een microorganisme via de poriën, naden, microgaatjes of andere imperfecties die voorkomen in het materiaal van de veiligheidshandschoenen.
• Degradatie (getest volgens norm EN374-4) : Bepaling van de fysieke bestendigheid van de materialen tegen degradatie na permanent contact met gevaarlijke, chemische producten.
• Doorlaatbaarheid (getest volgens de norm EN374-3 of EN16523): Proces via welk een chemisch product zich op moleculair niveau kan verspreiden door het materiaal van veiligheidshandschoenen heen via continu contact.
De EN ISO versie van norm EN374-1, introduceert beschermingstype 3 tegen doorlaatbaarheid van chemische producten:
- Type A: De handschoen wordt beschouwd als bestand tegen chemicaliën als zij een prestatieindex voor doorlaatbaarheid krijgen van tenminste 2 voor zes testchemicaliën uit de lijst met chemicaliën bepaald in de norm.
- Type B: De handschoen wordt beschouwd als bestand tegen chemicaliën als zij een prestatieindex voor doorlaatbaarheid krijgen van tenminste 2 voor drie testchemicaliën uit de lijst met chemicaliën bepaald in de norm.
- Type C: De handschoen wordt beschouwd als bestand tegen chemicaliën als zij een prestatieindex voor doorlaatbaarheid krijgen van tenminste 1 voor 1 testchemicaliën uit de lijst met chemicaliën bepaald in de norm.
|
LETTER CODE |
CHEMICAL PRODUCT | N°CAS |
|---|---|---|
| A | Methanol | 67-56-1 |
| B | Acetone | 67-64-1 |
| C | Acetonitrile | 75-05-8 |
| D | Dichloromethane | 75-09-2 |
| E | Carbon disulfide | 75-15-0 |
| F | Toluene | 108-88-3 |
| G | Diethylamine | 109-89-7 |
| H | Tetrahydrofurane | 109-99-9 |
| I | Ethyl acetate | 141-78-6 |
| J | n-Heptane | 142-82-5 |
| K | Caustic soda 40 % (NaOH or sodium hydroxide) | 1310-73-2 |
| L | Sulphuric acid 96 % | 7664-93-9 |
| M | Nitric acid 65% | 7697-37-2 |
| N | Acetic acid 99% | 64-19-7 |
| O | Ammonium hydroxide 25% | 1336-21-6 |
| P | Hydrogen peroxide 30% | 7722-84-1 |
| S | Hydrofluoric acid 40% | 7664-39-3 |
| T | Formaldehyde 37% | 50-00-0 |
| PASSAGE TIME MEASURED (MN) | PERFORMANCE INDEX TO PERMEATION |
|---|---|
| > 10 mn | 1 |
| > 30 mn | 2 |
| > 60 mn | 3 |
| > 120 mn | 4 |
| > 240 mn | 5 |
| > 480 mn | 6 |
Referentienorm die niet alleen kan worden gebruikt, maar uitsluitend samen met een andere norm die eisen bevat over de beschermingsprestaties.
• Onschadelijk zijn (pH, chroom-VI gehalte, enz.).
• Maatschema’s volgen (zie onderstaande tabel).
• Beoordelen van de tastzin, het ademend karakter en het comfortniveau.
• Voldoen aan voorschriften inzake markering, informatie, identificatie.
| SIZES AS PER STANDARD EN ISO 21420 | ||
|---|---|---|
| Glove size | Palm circumference (mm) |
Length (mm) |
| 6 | 152 | 160 |
| 7 | 178 | 171 |
| 8 | 203 | 182 |
| 9 | 229 | 192 |
| 10 | 254 | 204 |
| 11 | 279 | 215 |
| 12 | 304 | 226 |
GENORMALISEERDE ETIKETTERING/IDENTIFICATIE
Elke beschermende handschoen moet duidelijk geïdentificeerd zijn door zijn genormaliseerd
etiket, waarop u de volgende informatie vindt :
• Het logo van ons merk.
• De productreferentie of de commerciële naam.
• De maat.
• Een aanduiding dat een gebruiksaanwijzing beschikbaar is bij het artikel.
• Het/de normalisatiepictogram(men) met bijbehorende prestatiecijfers.
• Het lotnummer
en/of
productiedatum.
• Als van toepassing, de vervaldatum.