#

Normen en richtlijnen

Wij zijn actief op een gereguleerde wereldmarkt in vele landen. Als gevolg daarvan moeten wij rekening houden met normeringen die per land of regio sterk kunnen verschillen.
Het gemeenschappelijke doel van onze productmanagers en diensten is het
aanbieden van betrouwbare, duurzame en hoogwaardige producten die voldoen aan de voorschriften en/of normen van elke regio waar ze worden gebruikt.
#
#

Normen en richtlijnen

Alle informatie over de geldende normen

Filter
Standards

EN353-1 MOBIELE VALBEVEILIGING OP EEN VASTE LEEFLIJN

Systeem samengesteld uit een mobiele en automatische valstop vast op zijn support (rail of kabel). Een schokabsorber kan in het geheel zijn ingewerkt.

EN353-2 VERPLAATSBARE VALBESCHERMING OP FLEXIBELE LEVENSLIJN

Systeem bestaande uit een verplaatsbaar valstopapparaat met zelfremmende werking vast aan zijn flexibele levenslijn (touw, kabel…). Een energieverdelingselement kan worden ingewerkt in het geheel.

EN ISO 374-1 GEVAREN VAN MICROORGANISMEN EN CHEMISCHE RISICO’S

Norm EN ISO374-1 gaat over de eisen voor veiligheidshandschoenen die dienen om de gebruiker te beschermen tegen gevaarlijke chemische producten.

Doordringbaarheid (getest volgens de norm EN374-2): Verspreiding, op niet-moleculair niveau, van een chemische stof en/ of een microorganisme via de poriën, naden, microgaatjes of andere imperfecties die voorkomen in het materiaal van de veiligheidshandschoenen.

Degradatie (getest volgens norm EN374-4) : Bepaling van de fysieke bestendigheid van de materialen tegen degradatie na permanent contact met gevaarlijke, chemische producten.

Doorlaatbaarheid (getest volgens de norm EN374-3 of EN16523): Proces via welk een chemisch product zich op moleculair niveau kan verspreiden door het materiaal van veiligheidshandschoenen heen via continu contact.

De EN ISO versie van norm EN374-1, introduceert beschermingstype 3 tegen doorlaatbaarheid van chemische producten:

- Type A: De handschoen wordt beschouwd als bestand tegen chemicaliën als zij een prestatieindex voor doorlaatbaarheid krijgen van tenminste 2 voor zes testchemicaliën uit de lijst met chemicaliën bepaald in de norm.

- Type B: De handschoen wordt beschouwd als bestand tegen chemicaliën als zij een prestatieindex voor doorlaatbaarheid krijgen van tenminste 2 voor drie testchemicaliën uit de lijst met chemicaliën bepaald in de norm.

- Type C: De handschoen wordt beschouwd als bestand tegen chemicaliën als zij een prestatieindex voor doorlaatbaarheid krijgen van tenminste 1 voor 1 testchemicaliën uit de lijst met chemicaliën bepaald in de norm.

 

LETTER

CODE

CHEMICAL PRODUCT N°CAS
A Methanol 67-56-1
B Acetone 67-64-1
C Acetonitrile 75-05-8
D Dichloromethane 75-09-2
E Carbon disulfide 75-15-0
F Toluene 108-88-3
G Diethylamine 109-89-7
H Tetrahydrofurane 109-99-9
I Ethyl acetate 141-78-6
J n-Heptane 142-82-5
K Caustic soda 40 % (NaOH or sodium hydroxide) 1310-73-2
L Sulphuric acid 96 % 7664-93-9
M Nitric acid 65% 7697-37-2
N Acetic acid 99% 64-19-7
O Ammonium hydroxide 25% 1336-21-6
P Hydrogen peroxide 30% 7722-84-1
S Hydrofluoric acid 40% 7664-39-3
T Formaldehyde 37% 50-00-0

 

PASSAGE TIME MEASURED (MN) PERFORMANCE INDEX TO
PERMEATION
> 10 mn 1
> 30 mn 2
> 60 mn 3
> 120 mn 4
> 240 mn 5
> 480 mn 6

 

 

EN ISO 21420 ALGEMENE EISEN

Referentienorm die niet alleen kan worden gebruikt, maar uitsluitend samen met een andere norm die eisen bevat over de beschermingsprestaties.

• Onschadelijk zijn (pH, chroom-VI gehalte, enz.).

• Maatschema’s volgen (zie onderstaande tabel).

• Beoordelen van de tastzin, het ademend karakter en het comfortniveau.

• Voldoen aan voorschriften inzake markering, informatie, identificatie.

 

 

SIZES AS PER STANDARD EN ISO 21420
Glove size Palm circumference
(mm)
Length (mm)
6 152 160
7 178 171
8 203 182
9 229 192
10 254 204
11 279 215
12 304 226

 

GENORMALISEERDE ETIKETTERING/IDENTIFICATIE
Elke beschermende handschoen moet duidelijk geïdentificeerd zijn door zijn genormaliseerd
etiket, waarop u de volgende informatie vindt :
• Het logo van ons merk.
• De productreferentie of de commerciële naam.
• De maat.
• Een aanduiding dat een gebruiksaanwijzing beschikbaar is bij het artikel.
• Het/de normalisatiepictogram(men) met bijbehorende prestatiecijfers.
• Het lotnummer
en/of
productiedatum.
• Als van toepassing, de vervaldatum.

EN511 THERMISCHE RISICO’S - KOUDE

Norm EN511 definieert de vereisten en testmethoden voor handschoenen die beschermen tegen koude die door convectie en geleiding wordt overgedragen tot -30°C (optioneel tot -50°C). Deze koude kan verband houden met weersomstandigheden of met een industriële activiteit.

Bij het selectieproces van een handschoen voor bescherming tegen kou moet rekening worden gehouden met meerdere parameters zoals de omgevingstemperatuur, de gezondheid van de persoon, de duur van de blootstelling, het activiteitenniveau etc.

PERFORMANCE
LEVEL
   INTENSE  AVERAGE
ACTIVITY
SLOW ACTIVITY
1 -10°C ≤ T < 0°C    
2 -30°C < T  0°C ≤ T < 10°C  
3   -15°C < T  5°C < T
4   -30°C < T  -10°C < T

EN361 VALHARNAS

Bevestigingsmiddel voor het lichaam, bestemd om het vallen te stoppen. Het valharnas kan bestaan uit riemen, gespen en andere elementen ; op gepaste manier opgesteld en afgesteld op iemands lichaam, om hem te kunnen tegenhouden tijdens, alsook na de val.

EN358 GORDELS EN POSITIONERINGSLIJNEN

Een werkpositioneringssysteem bestaat uit elementen (gordel en werkpositioneringslijn), aan elkaar verbonden om een complete uitrusting te vormen.

EN ISO 20471

SIGNALISATIEKLEDING

Deze norm definieert de kenmerken waaraan de beschermende kleding die tot doel heeft de aanwezigheid van de gebruiker zichtbaar te maken, moet voldoen, opdat deze gedetecteerd en goed gezien kan worden bij gevaarlijke situaties, onder alle lichtomstandigheden, overdag en ‘s nachts bij het licht van koplampen. Er bestaan drie klassen signalisatiekleding.

Elke klasse dient minimale oppervlakken te hebben van zichtbaar materiaal waaruit de kleding
bestaat, hoe hoger de klasse is hoe beter zichtbaar de kleding is:

  KLASSE 3 KLASSE 2 KLASSE 1
Basismateriaal (fluorescerend) 0,80 m² 0,50 m² 0,14 m²
Retroreflecterend materiaal (stroken) 0,20 m² 0,13 m² 0,10 m²

 

Markering: 

X : Klasse van de zichtbare oppervlakte (van 1 tot 3)

EN ISO 20471  

2
Max. 25x

EN ISO 20471

2 : Klasse die de oppervlakte van het gezichtsveld weergeeft (van 1 tot 3)

Max. 25x : optionele vermelding, maximum aantal wasbeurten die voor het model toegelaten zijn. Voor dit voorbeeld: maximum 25 wasbeurten (voor de wastemperatuur zie de voorschriften op het etiket van het kledingstuk).

EN388 : ISO 23 388 MECHANISCHE RISICO’S

Norm EN388 is van toepassing op alle types beschermingshandschoenen voor wat betreft fysische en mechanische gevaarsinvloeden door schuren, snijden, perforatie en afscheuren. Sinds de 2016-versie van de norm zijn nieuwe, optionele prestaties toegevoegd.

 

TEST Level 1 Level 2 Level 3 Level 4 Level 5
Abrasion resistance
(Number of cycles)
100 500 2,000 8,000 -
Blade cutting resistance (index) 1.2 2.5 5 10 20
Tear resistance (N) 10 25 50 75 -
Puncture resistance (N) 20 60 100 150 -

 

PRESTATIENIVEAUS VEREISTEN

1 t/m 4 : WEERSTAND TEGEN AFSCHURING Aantal cycli nodig om het proefstuk te doorslijten met een gelijkblijvende snelheid

1 t/m 5 : WEERSTAND TEGEN DOORSNIJDING DOOR MESBLADEN Aantal cycli nodig om het proefstuk te doorsnijden met een circulair zaagblad en op gelijkblijvende snelheid.

1 t/m 4 : WEERSTAND TEGEN SCHEUREN Minimale kracht die nodig is om het proefstuk te scheuren.

1 t/m 4 : WEERSTAND TEGEN PERFORATIE Kracht die nodig is om het proefstuk te doorboren met een genormaliseerde stans.

A t/m F : WEERSTAND TEGEN SNIJDEN MET ZAAGBLAD (TDM-test) Kracht nodig voor een recht zaagblad om het proefstuk door te snijden op een snijvlak van 20 mm.

ø of P : WEERSTAND TEGEN EEN SCHOK OP HET MIDDENHANDSBEEN Minimale beperking van de schok op de hand.

 

Weerstand tegen de schok op het middenhandsbeen: indien deze prestatie vermeld is, wordt de markering
“P” gebruikt.

 

TEST CUT RESISTANCE
EN ISO 13997 (TDM
LEVEL A LEVEL B LEVEL C LEVEL D LEVEL E   LEVEL F
APPLIED FORCE (N) 2 5 10 15 22 30

 

Zaagblad, 2 testmethoden:


EN388 6.2. :
Voor lage en gemiddelde snijrisico’s. Een circulair zaagblad waarop een constante druk van 5N
wordt uitgevoerd, gaat van voren naar achter totdat het proefstuk doorgesneden is. Men meet
het aantal uitgevoerde cycli en wijst het overeenkomstige niveau toe.


EN ISO 13997 :
Voor materialen die het zaagblad bot maken tijdens de EN388 6.2 -test en/of gedeeltelijk bestand
zijn, voor hoge snijrisico’s. Een recht zaagblad met een snijvlak van 20 mm waarop één beweging
wordt uitgevoerd met een kracht van 2N. De test wordt opnieuw uitgevoerd met een andere
kracht en net zoveel keren als nodig is om het proefstuk door te snijden. Een niveau wordt
toegewezen dat overeenkomstig is met de nodige kracht om het proefstuk door te snijden. Deze
methode vertegenwoordigt meer gebruikssituaties waarbij een hoog snijrisico is.

 

ANSI ISEA (US American National Standards Institute) 105
Classificatie en specificaties voor bescherming van de hand. Deel 5.1.1. Bestendigheid tegen snijden.
Benodigde gewicht voor een recht zaagblad het proefstuk door te snijden in één snijbeweging.

EN 343

BESCHERMENDE KLEDING TEGEN REGEN

Deze norm definieert de eisen en testmethoden die van toepassing zijn op materialen en naden van beschermende kleding bij slechte weersomstandigheden (bijvoorbeeld regen of sneeuwbuien), mist en bodemvochtigheid.

y : Waterdoorlaatbaarheidsklasse (van 1 tot 4), WP

y : Verdampingsweerstand (van 1 tot 4), Ret

R : Waterkolomtest op het volledige kledingstuk (optioneel)

 FINNMARK2


 
EN343

3

1

X

 

 

 

 

 

DEFINITIES

DE THERMISCHE WEERSTAND (Rct) IN M².K/W :

Meet de gegeven thermische isolatie.

Verdeeld in 4 klassen (van 1 tot 4) van het minst isolerend naar het meest isolerend.

Hoe hoger de waarde, des te groter de gegeven thermische isolatie.

LUCHTDOORLAATBAARHEID (AP) IN mm/s :

Bepaalt de luchtdoorlaatbaarheid van het geheel.

Verdeeld in 3 klassen (van 1 tot 3) van het minst luchtdicht naar het meest luchtdicht.

DE THERMISCHE BASISISOLATIE DIE ERUIT VOORTVLOEIT :

Gemeten op een bewegende persoon (/cler) .

De thermische isolatiecoëfficiënt, uitgedrukt in m2.K/W maakt het mogelijk de optimale gebruikstemperatuur van het kledingstuk vast te stellen in vergelijking met de activiteit van de persoon en de blootstellingstijd.

De thermische isolatie wordt gemeten met onderkleding van het type:

  • (B) voor ensembles (Hemd met lange mouwen, lange onderbroek, sokken, vilten pantoffels + isolerend hemd, isolerende onderbroek, gebreide handschoenen, bivakmuts)
  • (R) voor kledingartikelen (Hemd met lange mouwen, lange onderbroek, sokken, vilten pantoffels, jack, broek, overhemd, gebreide handschoenen, bivakmuts)
  • (C) geleverd door de fabrikant

DE VERDAMPINGSWEERSTAND (Ret) IN (M².PA)/W :

Meet de verdampingsweerstand, d.w.z. de mate waarin de waterdamp waaruit een product bestaat tegengehouden wordt, of de mate van weerstand die aan de verdamping van zweet op het huidoppervlak geboden wordt. Hoe hoger de verdampingsweerstand van een product, des te groter de weerstand voor het doorlaten van waterdamp. Een ademend product heeft een zwakke verdampingsweerstand. Verdeeld in 4 klassen (van 1 tot 4) van het minst ademend naar het meest
ademend.

Dampweerstand Ret Klasse Klasse
1 2 3 4
M2 - Pa w Ret > 40 25 < Ret > 40 15 < Ret > 25 Ret < 15

 

WATERDOORLAATBAARHEIDSWEERSTAND (WP) IN PASCAL :

Meet de waterdoorlaatbaarheidsweerstand van het buitenmateriaal en de naden onder een waterdruk van (980+/-50) Pa/mm.

Verdeeld in 4 niveaus (1 tot 4) van het minst waterdoorlatend naar het meest waterdoorlatend.

Waterdoorlaatbaarheidsweerstand
WP
Klasse
1 2 3 4

Te testen specimen :

Materiaal zonde voorbehandeling Materiaal na elke
voorbehandeling

WP > 8 000 Pa- -WP > 8 000 Pa -WP > 13 000 Pa - WP > 20 000 Pa
Stikkingen zonder voorbehandeling WP > 8 000 Pa WP > 8 000 Pa WP > 13 000 Pa -
Stikkingen na behandeling door reiniging - - - WP > 20 000 Pa

 

WATERKOLOM TEST :

Lengte van de infiltratie op de mouwen en de voering Max 5 cm
Lengte van de infiltratie op de voering van de broek Max 10 cm
Longueur de mèche sur les ourlets de capuche Max 4 cm
KLASSE 3 0 cm²

 

EN14605: Type 4/ Type 3 BESCHERMENDE KLEDING TEGEN VLOEIBARE CHEMICALIËN

Eisen met betrekking tot chemisch beschermende kleding waarvan de verbindingselementen tussen de verschillende onderdelen van het kledingstuk vloeistofdicht (type 3) of neveldicht (type 4), zijn, alsook voor kledingstukken die slechts bepaalde delen van het lichaam beschermen (Types PB [3] en PB [4]).

Deze norm definieert de minimale eisen die gelden voor de volgende chemisch beschermende kledingstukken met beperkt gebruik of opnieuw te gebruiken:


- Kledingstukken die het volledige lichaam beschermen voorzien van vloeistofdichte verbindingen tussen de verschillende kledingonderdelen (Type 3: vloeistofdichte kledingstukken) ;
- Kledingstukken die het volledige lichaam beschermen voorzien van neveldichte verbindingen tussen de verschillende kledingonderdelen (Type 4: neveldichte kledingstukken) ;

NORMEN TYPE CHEMISCHE BESCHERMING
EN13034 6 Tegen spatten
EN ISO 13982-1 5 Tegen stofdeeltjes (asbest)
EN14605 4 Tegen nevels
EN14605 3 Tegen stralen

 

TESTS
Algemene prestatie Tests & specifieke
prestaties
Type beschermende
kleding
3a 4a 5 6a
Prestatie-eisen voor
de volledige kleding
Binnendruk - - - -
Lek naar binnen - - X -
Doordringen van een vloeistofstraal X - - -
Doordringen van een nevel (verstuivingen van vloeistoffen) - X - -
Tegen vaste deeltjes - - X -
Doordringen van een nevel (lichte verstuivingen) - - - X
Performantie eisen
voor stikkingen en
verbindingen
Mechanische weerstand X X X X
Weerstand tegen het doordringen en binnendringen van vloeistoffen. X X - -
Prestatie-eisen
voor de materialen
waaruit de kleding
bestaat
Schuren / Scheuren / Perforeren X X X X
Trekbestendigheid X X - X
Bestendigheid tegen barsten door buiging X X X -
Bestendigheid tegen barsten door buiging bij -30ºC

X

optioneel

X

optioneel

- -
Bestendigheid tegen doordringen X X - -
Bestendigheid tegen doordringen - - - X
Waterafstotend - - - X

a - Wanneer de beschermende uitrusting slechts bepaalde delen van het lichaam bedekt (torso, armen, benen), dan zijn de performantie-eisen van het materiaal enkel daar van toepassing (type 6.4 en 3).

EN ISO 11611

BESCHERMENDE KLEDING - BESCHERMING GEBRUIKT TIJDENS LASSEN EN AANVERWANTE TECHNIEKEN

Deze norm definieert de prestatie-eisen van beschermende kleding bestemd voor las- en aanverwante werkzaamheden die gelijke risico’s met zich meebrengen.

Dit type beschermende kleding heeft tot doel de persoon die ze draagt te beschermen tegen beperkte gesmolten metaalspatten, kort contact met een vlam en tegen uv-stralen. Zij is bestemd om gedragen te worden bij omgevingstemperatuur, gedurende een constante periode tot 8 uur.

KLASSE 1 Bescherming tegen normale risico’s bij het lassen meer in het bijzonder in situaties met normale lasprojecties en normale stralingswarmte.
KLASSE 2 Bescherming tegen hoge risico’s bij het lassen meer in het bijzonder in situaties met hevige lasprojecties en hoge stralingswarmtes.

 

MAIVE2
EN ISO 11611

A, A2
KLASSE 1

 

Test Code Performances
Limited flame spread A A1 and/or A2
Molten metal splash E E1 to E3